Zorgkosten en vergrijzing

In de rubriek ‘Vraag van de maand’ beantwoord een deskundige van Leyden Academy een vraag over veroudering. Heb jij een vraag over veroudering? Stuur dan een mailtje!

In nieuwsberichten en reportages is vaak te horen dat de zorgkosten snel stijgen en dat het toenemende aantal ouderen daar de belangrijkste oorzaak van is. Dat lijkt op het eerste gezicht erg logisch. Stap 1: Oudere mensen zijn vaker ziek en hebben een hogere kans op een chronische ziekte. Stap 2: Mensen maken daarom meer zorgkosten naarmate ze ouder worden. Stap 3: Als het aandeel oudere Nederlanders steeds verder toeneemt, zullen de zorgkosten in Nederland ook verder stijgen. Deze redenering lijkt ook te worden bevestigd door de cijfers. Het aantal 65-plussers in Nederland neemt toe van 15% in 2009 naar 24% in 2040.[1] En van de totale zorgkosten die Nederlanders maken in hun leven, wordt ongeveer 72% gemaakt vanaf 65-jarige leeftijd.[2]

1+1+1=3, toch?

Niet helemaal. Als voorbeeld nemen we de berekeningen van twee oud-politici: Roger van Boxtel en Willem Vermeend.[3] Volgens hen stegen de zorgkosten tussen 2008 en 2011 jaarlijks 6,4%. Van dit percentage is een schamele 0,7% te wijten aan de vergrijzing. De andere 5,7% is toe te schrijven aan wetmatige economische veranderingen (zoals inflatie en het Baumol-effect) en volumegroei. Volumegroei in de zorg houdt in dat meer mensen worden gezien en behandeld door de dokter of therapeut, of worden opgenomen. Patiënten zijn mondiger en veeleisender geworden en door medische innovaties is steeds meer mogelijk. En dat is natuurlijk ook een zegen. Economische groei moet in dienst staan van onze gezondheid, de gezondheidszorg moet niet in dienst staan van de economische groei.

Allemaal mooi en aardig natuurlijk, maar het is wel fijn als u niet ieder jaar meer moet betalen aan zorgpremies. Als er de komende jaren weer economische groei is en de volumegroei in toom wordt gehouden, dan hoeven de zorgkosten in de toekomst niet te stijgen, ondanks de vergrijzing. Er zijn namelijk nog twee belangrijke veranderingen gaande die op de lange termijn de gemiddelde zorgkosten van ouderen kunnen afzwakken. Ten eerste wil de overheid harde prioriteiten stellen op het gebied van de zorg. Op de ouderenzorg wordt in de toekomst enorm bezuinigd. De overheid verwacht dat ouderen meer zelf moeten kunnen, en dat burgers ook actiever moeten zijn om ouderen te ondersteunen. Belangrijker dan bezuinigen in het zorgaanbod is misschien nog wel het snoeien in de bureaucratie. Experimenten met wijkverpleegkundigen, coöperaties en de afschaffing van regels worden al uitgevoerd. Goed voor de economie, maar vooral goed voor de oudere mensen zelf, als ook voor hun mantelzorgers.
Ten tweede verandert de ouderengemeenschap. Toekomstige ouderen zijn misschien zelfstandiger dan de huidige ouderen. Ook worden mannen steeds ouder in vergelijking met vrouwen, wat betekent dat er in de toekomst relatief minder zorgbehoevende weduwes zijn. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat een groot deel van iemands zorgkosten vlak voor de dood wordt gemaakt. Soms zijn behandelingen op zeer hoge leeftijd en vlak voor de dood duur, onnodig en niet in het belang van de patiënt. Meer inzicht in de effectiviteit van behandelingen op oudere leeftijd en daaraan gekoppelde verbeteringen in protocollen voor artsen zijn nodig.

U ziet het, een betere gezondheidszorg en lagere zorgkosten gaan soms hand in hand.

Herbert Rolden
Econoom en PhD-student Leyden Academy on Vitality and Ageing


 

[1]Centraal Bureau voor de Statistiek

[2] Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

[3]Vermeend W, Boxtel R van. Uitdagingen voor een Gezonde Zorg. Amsterdam: Lebowski, 2010.

Archief 2013



Archief
2020
2019
2018
2017
2016
2015
2014
2012
2011
2010
2009