Urineverlies

Deze toelichting hoort bij de rubriek ‘Ontpillen met dr. David’ in Zin magazine, maart 2017, met als onderwerp urineverlies. Bekijk hier de andere onderwerpen die in Ontpillen aan bod kwamen.

 

 

 

 

 

Verantwoording en achtergrondinformatie
Urineverlies kan uiterst ongemakkelijk zijn. Meer dan 130.000 mensen in Nederland gebruiken pillen tegen urineverlies.[1] Kun je dit ook zelf voorkomen of trainen? En waarom hebben vrouwen er meer last van dan mannen?

Wat is het probleem?
Er zijn ruwweg twee soorten incontinentie. Bij stressincontinentie heb je last van urineverlies op momenten dat er druk is op de buikholte en dus op de blaas, zoals bij hard lachen, hoesten, springen, bukken en niezen. Bij een overactieve blaas trekken de blaasspieren samen op de verkeerde momenten, waardoor je plotseling heel nodig moet plassen. Bekkenbodemspieren helpen je lichaam om de plas op te houden en deze spieren worden slapper naarmate je ouder wordt. Mannen en vrouwen lijden even vaak aan een overactieve blaas, maar vooral bij vrouwen leidt dit tot urineverlies, omdat hun plasbuis korter is.[2]

Wat doet de dokter?
Stressincontinentie is met pillen niet te verhelpen. Voor een overactieve blaas krijgen meer dan 130.000 mensen in Nederland pillen met anticholinergica voorgeschreven. Deze stofjes remmen de zenuwoverdracht waardoor de blaasspier minder vaak samenknijpt. Uit een analyse van 61 onderzoeken blijkt dat anticholinergica werken tegen een overactieve blaas.[3] Er werd echter ook aangetoond dat driekwart van het effect van deze pillen berust op het placebo-effect. Je kunt je dus afvragen of het voorschrijven van anticholinergica opweegt tegen de nadelen, want de pillen kennen bijwerkingen. Zo krijgt een op de drie gebruikers last van een hinderlijke droge mond, want niet alleen de zenuwen naar de blaas, maar ook de zenuwen die de speekselklieren activeren worden geremd.

Wat kun je zelf doen?
Blaastraining
Uit een onderzoek is gebleken dat blaastraining leidt tot een betere kwaliteit van leven, het geeft minder bijwerkingen en patiënten hebben meer het gevoel genezen te zijn ten opzichte van mensen die anticholinergica slikken.[4] Op Thuisarts.nl staan praktische tips over blaastraining.[5] Bij blaastraining is het allereerst van belang om je plaspatroon in kaart te brengen. Schrijf gedurende een paar dagen op hoe vaak en wanneer je naar de wc gaat. Schrijf ook op wanneer je tussendoor urine verliest. Met deze kennis kun je dan de toiletbezoekjes aanpassen aan je schema. Op de momenten dat je normaal urine zou verliezen, ga je een keer extra naar de wc. Lukt het eenmaal om droog te blijven, dan kun je de tijd tussen de bezoeken proberen te verlengen.

Versterken bekkenbodemspieren
Om de urine op te houden heb je bekkenbodemspieren nodig. Om urine door te laten, moeten deze spieren juist ontspannen. Een goede controle van deze spieren is dus erg belangrijk. Dagelijks een tiental keren bewust de spieren aanspannen en ontspannen kan helpen om de urine op te houden. Sommige dames vinden het moeilijk om te weten wanneer je de bekkenbodemspieren aanspant. Dan kan een verzwaarde kegel helpen. Deze tamponvormige kegel moet dan in de vagina geplaatst worden en vastgehouden worden door het aanspannen van de bekkenbodem. Een ander handig trucje is ‘streepjes plassen’. Je kan tijdens het plassen proberen je bekkenbodemspieren aan te spannen, als de urinestraal dan slapper wordt of stopt, span je je bekkenbodem aan. Streepjes plassen is overigens niet bevorderlijk voor een overactieve blaas, dus doe dit alleen om te weten hoe het aanspannen van je bekkenbodemspieren voelt. Daarna kan je dan, als je niet op de wc zit, je bekkenbodemspieren trainen door ze aan te spannen en te ontspannen. In een onderzoek waarin bekkenbodemoefeningen werden vergeleken met vrouwen die dit niet deden, bleken vrouwen die de oefeningen deden bijna zes keer zo vaak het gevoel te hebben genezen te zijn.[6]

Goede stoelgang
De precieze oorzaken van een overactieve blaas zijn niet bekend, maar aangenomen wordt dat obstipatie een belangrijk rol speelt.[7] Mensen met obstipatie hebben vaak veel harde ontlasting in de endeldarm en dit zorgt voor een signaal naar de hersenen. Die geven aan dat het tijd is om naar de wc te gaan, maar het is niet altijd even duidelijk of het signaal is bedoeld voor de blaas of voor de endeldarm, omdat deze dezelfde zenuwbanen gebruiken. Het aanhoudend persen in geval van obstipatie maakt de spier om de blaas overactief. Voorkom daarom harde ontlasting. Het eten van veel groente en fruit, waar vezels in zitten, maakt de ontlasting dunner en zorgt zo voor een snellere lediging van de endeldarm en minder persen. Veel drinken helpt ook om de ontlasting dun te houden, maar je moet dan ook vaker plassen. Meer tips voor een goede ontlasting zijn te vinden in Ontpillen met dr. David over obstipatie.[8]

Bewust drinken
Water drinken is gezond en mag ook gewoon met een overactieve blaas, maar let wel op de hoeveelheden en wanneer je drinkt. Probeer vanaf twee uur voor het slapen gaan niets meer te drinken, zodat je geen volle blaas hebt om drie uur ’s nachts. Probeer ook vlak voor het naar bed gaan nog even naar de wc te gaan, er zit altijd wel een beetje urine in de blaas. Over de hele dag kleine beetjes water drinken in plaats van in één keer heel veel kan ook helpen. Hierdoor hoeft de blaas geen grote hoeveelheden water te verwerken, is er minder rek op de blaas en ook minder prikkeling.

Koffie en alcohol
Koffie en alcohol kun je beter met mate drinken. Beide dranken hebben een vocht afdrijvend effect, waardoor er extra veel urine wordt aangemaakt.

Fysieke activiteit
Mensen die onvoldoende bewegen en mensen met overgewicht hebben vaker last van een overactieve blaas.[9] Afvallen kan helpen.[10] Veel mensen hebben al baat bij een gering gewichtsverlies van 5 tot 10%.[3]

Medicijnen
Sommige plaspillen en bloeddrukverlagers zorgen ervoor dat er meer urine wordt geproduceerd. Overleg met de arts of het mogelijk is dat de medicatie de overactieve blaas veroorzaakt. En zo ja, of er mogelijkheden zijn om die medicatie te vervangen.

Incontinentieslip
Soms is opvangen de beste oplossing. Incontinentiemateriaal wordt steeds dunner en beter. Er wordt tegenwoordig zelfs onderzoek gedaan naar goed absorberende onderbroeken die niet opvallen, droog aanvoelen en gewoon gewassen kunnen worden. Beter voor het milieu en voor de portemonnee.[11]

Hoe hou je een gezonde leefstijl vol?
Afvallen, gezonder eten, meer bewegen… we weten dat dit goed voor ons is, maar het is zo moeilijk vol te houden. Herkenbaar? Bij Leyden Academy geloven we niet in dieetboeken en sportschoolabonnementen, maar in kleine aanpassingen in de omgeving die ervoor zorgen dat je onbewust gezondere en actievere keuzes maakt. Elke dag opnieuw. Zo zal je met een kleiner servies minder calorieën gebruiken, terwijl je je even voldaan voelt. Neem een hond en je komt vanzelf aan de dagelijkse lichaamsbeweging, en doet ook nog eens sociale contacten op – ook heel gezond. Een stappenteller aan je pols of op je smartphone zal je motiveren om meer kilometers te lopen.
Meer achtergronden en praktische tips zijn te vinden in het boek Oud worden in de praktijk – Laat de omgeving het werk doen van David van Bodegom en Rudi Westendorp.[12]

Ten slotte…
Met aanpassingen in leefstijl kunnen veel klachten van urine-incontinentie worden verminderd. Pillen zijn niet altijd nodig. Er staan ook goede adviezen op Thuisarts.[13] Sowieso geldt: stop nooit zomaar met voorgeschreven medicatie, raadpleeg altijd eerst de huisarts!

Referenties
[1] www.sfk.nl.
[2] Alhasso AA, McKinlay J, Patrick K, et al. Anticholinergic drugs versus non-drug active therapies for overactive bladder syndrome in adults. Cochrane Database Syst Rev 2006;4:CD003193.
[3] Nabi G, Cody JD, Ellis G, et al. Anticholinergic drugs versus placebo for overactive bladder syndrome in adults. Cochrane Database Syst Rev 2006;4:CD003781.
[4] Wallace SA, Roe B, Williams K, et al. Bladder training for urinary incontinence in adults. Cochrane Database Syst Rev 2004;1:CD001308.
[5] https://www.thuisarts.nl/urine-incontinentie/ik-ga-blaastrainingen-doen.
[6] Dumoulin C, Hay-Smith J, Habée-Séguin GM, et al. Pelvic floor muscle training versus no treatment, or inactive control treatments, for urinary incontinence in women: A short version Cochrane systematic review with meta‐analysis. Neurourology Urodyn 2015;34(4):300-8.
[7] Imamura M, Williams K, Wells M, et al. Lifestyle interventions for the treatment of urinary incontinence in adults. Cochrane Database Syst Rev 2015;12:CD003505.
[8] http://www.leydenacademy.nl/obstipatie/.
[9] McGrother CW, Donaldson MM, Wagg A, et al. Etiology of overactive bladder: a diet and lifestyle model for diabetes and obesity in older women. Neurourology Urodyn 2012;31(4):487-95.
[10] Townsend MK, Curhan GC, Resnick NM, et al. BMI, waist circumference, and incident urinary incontinence in older women. Obesity 2008;16(4):881-6.
[11] http://www.textiellab.nl/nl/actueel/protective-underwearward.nl.
[12] Westendorp RG, van Bodegom D. Oud worden in de praktijk. Laat de omgeving het werk doen. Atlas Contact, 2015.
[13] https://www.thuisarts.nl/urine-incontinentie/ik-heb-urineverlies-urine-incontinentie-bij-vrouwen.